Praktijk Oogstmaan

Caroline Patricia Rausch
Jongensschoolstraat 1
3321 Outgaarden
Rekeningnr: BE67 0018 3949 7387
BTW nr: BE 0836.054.678
GSM: 0489/78.93.92
info@praktijkoogstmaan.be

Het verhaal van mijn bevallingen (deel 1)

27/05/2017 14:08

Als ik vandaag het verhaal van mijn eerste bevalling er op nalees, blijken de heftige gevoelens van toen eindelijk rust gevonden te hebben. Ik kan er nu neutraal naar kijken omdat ik het verwerkt en een plek gegeven heb.

Graag deel ik dit relaas met jullie en geef ik hiermee ook graag een boodschap mee. Namelijk dat je niet met dingen moet blijven zitten, maar dat je erover moet praten. Emoties moeten geuit worden, ze zetten zich anders vast in je lichaam en geest en zuigen je levenskracht weg. Jouw verhaal is belangrijk, en het waard om gehoord te worden!

Je maakt ook niet zomaar iets mee. Alles is een les van je ziel, een spirituele groeikans. Als mens heb je de keuze om al dan niet iets te doen met die lessen. Op het moment dat je daar klaar voor bent, want soms kan dat vanzelfsprekend een tijdje duren. Het gecombineerde aantal ervaringen én opgedane inzichten leveren je gaandeweg diepe innerlijke en spirituele groei op als mens, en brengen je dichter en dichter bij je eigen ziele-essentie.

Mijn eerste bevalling

Op 25 december 2013 ben ik bevallen van mijn eerste kind – een bevalling die voor mij bijzonder traumatisch was.

Het plan was om thuis te bevallen, maar het werd uiteindelijk een keizersnede aangezien mijn zoon maar niet indaalde, ik geen weeën kreeg en mijn vliezen al verschillende uren gebroken waren (klinisch gezien was hij niet ingedaald omwille van een te nauw bekken, maar dat zou pas bij mijn tweede zwangerschap/bevalling blijken). De vroedvrouw zei toen dat we best naar het ziekenhuis konden gaan omdat het niet vooruit ging en de tijd aan het tikken was omwille van mijn gebroken vliezen.

Toen er ook in het ziekenhuis geen vooruitgang kwam, werd er beslist een keizersnede uit te voeren. Nu was dat wel het laatste waar ik aan gedacht had toen ik voor de eerste keer zwanger was. Achteraf bekeken ben ik van mening dat men mij toch meer had moeten informeren over het feit dat het ook een keizersnede kon worden, dan was ik beter voorbereid geweest en was deze bevalling wellicht een minder bittere pil geweest om te slikken.

Aan mijn vroedvrouw heb ik in het ziekenhuis niks gehad, ook al lag dat in feite niet aan haar. Ze mocht niets zeggen en niets doen en moest op een gegeven moment zelfs naar huis gaan omdat ze niet welkom was in dat ziekenhuis. Wat is dan het nut om begeleid te worden door een (externe) vroedvrouw, als ze niet welkom is bij een ziekenhuisbevalling van een cliënte van haar?

Ten slotte heeft het ziekenhuis verzuimd om aan informed consent te doen. Ik ben op geen enkel moment duidelijk geïnformeerd geweest over de verschillende medische handelingen die gesteld werden. De gyneacoloog van dienst heeft op geen enkel moment de tijd genomen om echt contact te maken met mij, de empathie en de betrokkenheid was nergens te bespeuren. Er was zelfs geen oogcontact. Alles werd boven mijn hoofd beslist en uitgevoerd. Ik voelde mij aldus geen mens. Ik was een omhulsel zonder naam, zonder gezicht, zonder emoties en gevoelens.

Ik herinner me het moment waarop ik helemaal alleen in de kamer lag, omdat iedereen zich voorbereidde voor de operatie. Ik had hartverscheurend willen wenen, zo alleen en hulpeloos dat ik me voelde, maar het enige wat ik kon, was wezenloos voor me uit staren. Ik zocht àlle wilskracht in mijn lichaam om dit te kunnen doorstaan en overleven – ik had echt het gevoel van bijna dood te gaan en dit niet aan te kunnen. Ik keek naar het plafond en dacht: als ik de dood van mijn vader kan overleven, dan kan ik dit ook (de situatie was voor mij zo indringend, dat de vergelijking in het geheel niet overdreven was).

Toen ik de operatiezaal werd binnengereden, was ik volledig in paniek. Ze legden mij naar mijn gevoel veel te laag met mijn hoofd. Ik kreeg een zuurstofmasker over mijn mond. Ik kon niet meer ademen met dat ding op mijn gezicht, ik wou het er afrukken, maar dat kon niet. Mijn armen waren vastgebonden, alsof ik gekruisigd was. Mijn binnenste weende. Ik had willen opstaan en wegrennen, rennen voor mijn leven. Ik dissocieerde – dit overkomt mij niet, dit ben ik niet die hier ligt. Dat ik wel degelijk gedissocieerd heb tijdens de keizersnede, daar ben ik pas achter gekomen toen ik mijn bevallingsverhaal neerschreef in juli 2016.

Ze sneden mij open en trokken mijn kind eruit. Letterlijk. De gyneacoloog was naar mijn gevoel zeer ruw en hardhandig. Een wildvreemde die mijn fysieke en energetische grenzen overschreed. Ik was té zeer gedissocieerd en in shock om de keizersnede ten volle te beleven en te voelen, echter ik voelde het wél toen ze mijn kind heel bruusk en zonder enige traagheid of zachtheid uit mijn buik rukten. Lichamelijk deed het natuurlijk geen pijn, maar het enorme gevoel van plots drukverlies, dat ze een grote “massa” uit mijn buik tilden, was snel en overweldigend. De eerste aanblik van mijn kind zal ik nooit vergeten: een gekruisigde Jezus met armen en benen gespreid in de lucht, ogen verblind door het schelle licht boven de operatietafel, een lichaampje volledig in kramp en in paniek, een schreeuwend en wenend gezicht. Totale verbijstering van mijn kant.

Iemand toont mijn kind links van me. Ik wil mijn kind aanraken en wil mijn rechterarm naar links brengen. Ik ben vastgebonden. Ik kan mijn kind niet eens aanraken. Ik kan niet bewegen. Verdriet. Machteloosheid. De tijd die even stil staat. Ik weet dat dit mijn kind is, maar ik voel op dat moment niets. Geen vreugde, geen verdriet. Een doffe leegte en afwezigheid, ik ben niet in mijn lichaam. Daarna zie ik mijn kind en mijn partner een hele tijd niet meer. Ze naaien mij toe en brengen mij naar een verkoeverkamer. Ik voel me weer moederziel alleen. Wat doe ik hier?? Waar is mijn kind?? Waarom duurt het zo lang eer ik mijn kind zie?? Het duurt een eeuwigheid.

De gevoelens die ik toen had, waren heftig. Ik had gefaald. Ik was niet bevallen. Ik was geopereerd. Ik was geen vrouw, geen mens. Het kind was er, en mij lieten ze links liggen. Ik bestond niet. Ik was een leeg en levenloos omhulsel waar ze een kind moesten uitrukken omdat ik het er niet op eigen kracht uit kreeg. Het klopte niet. Er lag daar een kind in een bedje, maar hoe kon dat nu, ik moest toch nog bevallen?? Fysiek en emotioneel klopte heel dit gebeuren niet.

Na de bevalling vroeg niemand aan mij hoe ik de keizersnede ervaren had en of ik er nood aan had om erover te praten. Noch de gyneacoloog, noch de vroedvrouw, noch mijn omgeving leek zich voor mijn verhaal te interesseren. Ik was het, naar mijn gevoel toen, niet waard om gehoord te worden. Ik was het niet waard om gezien te worden in wat ik gevoeld en beleefd had. “Je hebt toch een gezond kind.”. Ja, gelukkig maar! Echter, de aandachtige lezer merkt wel dat het daar nu eens niet over ging!

De gyneacoloog schreef achteraf in mijn bevallingsdossier – dat ik in juli 2016 bij hem opvroeg maar pas in november 2016 verkreeg, nota bene via de ombudsdienst van het ziekenhuis – dat het “verloop postpartum” in zijn eigen woorden “zeer vlot” was... Hoe kon hij dat weten aangezien ik hem na mijn bevalling zelfs niet meer gezien heb!

Ik heb dit trauma direct na mijn bevalling onbewust ergens in mijn onderbewustzijn geparkeerd omdat er andere zaken prioritair waren. De eigen miserie onbewust wegsteken en in overlevingsmodus gaan omdat je voor een klein en hulpeloos wezentje moet zorgen. Vandaar dat het trauma pas 2,5 jaar later naar boven kwam – toen pas kwam er blijkbaar ademruimte voor mijn trauma.

Het was pas toen ik zwanger was van onze dochter en ik in juni 2016 voor mijn 20 weken echo nietsvermoedend (maar toch met een beetje een raar gevoel) langsging bij dezelfde gyneacoloog van toen, dat ik goed en wel besefte hoe diep het trauma in mijn lichaam verzonken zat.

Alles kwam terug. Onder andere het totaal gebrek aan betrokkenheid en empathie vanwege de gyneacoloog – niet alleen tijdens mijn eerste bevalling, maar nu ook weer tijdens dit controlebezoek. De man was zeer summier met zijn woorden, op het cryptische af, maar vooral: hij maakte absoluut geen oogcontact, hij was niet geïnteresseerd in zijn patiënte! Ik voelde me weer het mensloze “omhulsel” waar een kind in groeide. 10 minuten later stond ik alweer buiten, totaal verbouwereerd. Het centje begon in slow-motion te vallen. Ik werd opstandig. “Niet nog eens!” en “nooit meer bij die gyneacoloog!”, dacht ik, “deze keer blijf ik de regie van mijn bevalling behouden!”.

Ondanks het feit dat mijn tweede bevalling uiteindelijk ook een keizersnede werd, is dit gelukkig veel beter verlopen. Ik was veel beter voorbereid, en de menselijke en empathische aanpak van mijn nieuwe gyneacoloog en nieuwe vroedvrouw hebben een wereld van verschil gemaakt voor mij. Maar daarover meer in een volgende blogpost! Ik zal het dan ook hebben over dieperliggende aspecten van deze tweede zwangerschap en bevalling zoals het spirituele, het karmische, het psychogenealogische, etc.